de mijnsite van grand-hornu - pierre hebbelinck architect
Afstand: 2 km / Duur: ± 120 minuten
Eind 18e eeuw krijgt Charles Godonnesche met twee partners het recht om steenkool te winnen bij Quaregnon en Boussu, in de buurt van Bergen. Na financiële problemen verkoopt zijn weduwe in 1810 de concessie aan de Rijselse handelaar Henri De Gorge. Hij herstart de mijn, vergroot het terrein en boort nieuwe putten. Bij de vijfde, de ‘Sainte-Eugénie’, vindt hij eindelijk kolen.
De historische mijnsite en modelstad Le Grand-Hornu ligt aan het Kanaal Bergen-Condé, met verbindingen naar Parijs en Antwerpen. Vanaf 1816 liet Henri De Gorge er een arbeiderswijk bouwen als alternatief voor de erbarmelijke corons. Architect François Obin ontwierp een wijk gebaseerd op functionaliteit, hygiëne en sociale zorg. (periode van de verlichting)
Na zijn dood in 1825 nam Bruno Renard het project over. Geïnspireerd door de ideale stad van Ledoux bouwde hij tussen 1827 en 1833 neoklassieke bedrijfsgebouwen rond een ellipsvormig plein, met als sluitstuk het Château De Gorge.
In 1830 brak een arbeidersopstand uit nadat een nieuwe paardenspoorlijn veel voerlieden overbodig maakte. Grand-Hornu werd geplunderd en vernield. De Gorge ontsnapte volgens de overlevering verkleed als arbeider. Hij stierf in 1832 aan cholera; zijn weduwe Eugénie Legrand zette het bedrijf voort.
In 1954 stopt de mijnontginning door het beleid van de EGKS. De arbeiderswoningen worden verkocht, waarna de site langzaam in verval raakt en in 1969 met sloop wordt bedreigd. Architect Henri Guchez koopt het complex in 1971 en redt het van de afbraak. Vanaf 1989 zet de provincie Henegouwen de restauratie voort. In 2002 opent het MAC’s van Pierre Hebbelinck.
Sinds juli 2012 staat Le Grand-Hornu op de UNESCO Werelderfgoedlijst.
Pierre Hebbelinck maakte van het oude mijncomplex een museum voor moderne kunst. Volgens hem kun je in Wallonië pas iets nieuws bouwen als je eerst door het verleden heen gaat.
Hij zegt:
‘Ik doe niet aan monumentenzorg. Historische gebouwen verdienen geen blind respect. Als de omstandigheden veranderen, moet ook het gebouw mee veranderen. ’Voila
Deze Pierre Hebbelinck is niet alleen architect, maar ook uitgever en een boekjesmaker. Voor hem hoorde een publicatie bij het ontwerpproces: tekeningen, foto’s, teksten en losse gedachten werden samengebracht in zorgvuldig vormgegeven, vaak kleine boekjes.